
Bron : Le Figaro
Onlangs kreeg ik van één van mijn collega’s Duits een pareltje van een Multimedia oefening.
Een pareltje om verschillende redenen :
- oefening is in context
- ze kadert in een geheel
- er is duidelijk een uitdaging
- audio-visueel is ze een meerwaarde in vergelijking tot eenzelfde oefening op ‘papier’
- de audiofragmenten zijn uiterst goed gekozen
Bovendien was ik onder de indruk over de creativiteit van mijn collega : ze heeft immers de audiofragmenten niet klakkeloos overgenomen maar – puur uit didactisch oogpunt- geknipt.
Omdat wij in het talenonderwijs allemaal wel het thema ‘kunst’ in één of ander niveau aansnijden ging ik op zoek naar gelijkaardige oefeningen. Eerst nogal doelloos, en uiteraard zonder resultaat.
Tot ik een eigenlijk elementaire oefening maakte :
- wat wil ik bereiken?
dat studenten een commentaar op een schilderij begrijpen, en – in een meer gevorderd stadium- er zelf één kunnen geven
- wanneer kom je in zo’n context?
als je een museum bezoekt en al dan niet betaalt voor een ‘audioguide’
De zoekopdracht op het Internet is plots veel eenvoudiger : je gaat op zoek naar (gratis) audioguides.
Surprise : veel musea, steden stellen die gratis ter beschikbaar.
Zo kwam ik in minder dan geen tijd op de Franse site ZeVisit (!) terecht.
Uiteraard doet Engeland niet onder : London British museum : Audioguides2go
Een paar seconden later heb je zo ook Ascoltarte Audioguide Italia
enz., enz.
Met dank aan de collega, voor het prima voorbeeld!
Christine

We hadden deze week een intern seminarie over PowerPoint in taalonderwijs. Een aantal voorbeelden (zeer beperkt) om aan te tonen dat je het best wel kan aanwenden (woordenschat, grammatica, spreekoefeningen) en dan een zeer concrete sessie : aan de slag!
Dat was woensdag. 2 dagen later was ik ontzettend aangenaam verrast om te zien dat één van de collega’s (die niet aan haar proefstuk toe was) de draad met Powerpoint terug opgenomen had, én, zo belangrijk, die PowerPoint ook beschikbaar stelt via Slideshare. Meer nog : ze heeft haar Powerpoint zo geconcipieerd (en uiteraard downloadbaar gemaakt) dat hij met een minimaal aantal ingrepen herbruikbaar is.
Dus wie op zoek is naar een visuele manier kan hier : Que horas são? (Hoe laat is het) en A que horas? (Om hoe laat?) downloaden.
Met dank aan Hilde Weyen!
Dit bericht is overgenomen uit één van de Toll-Net fora.
Toll-Net (initiatief van DIVA) verzorgt de Toll-cursus, de Toll-shops maar wil ook alle expertise die er bestaat op vlak van e-leren samen brengen en de discussies daaromtrent bundelen.
Leeromgeving noodzakelijk voor e-leren?
Het is een veelvoorkomende vraag bij mensen die willen starten met e-leren.
Hoogstwaarschijnlijk een vraag waar je veel vuurwerk mee kan veroorzaken onder de
‘absolute believers’ van omgevingen, maar een terechte vraag want:
- een leeromgeving is zeker niet gratis !
- soms zijn er slechts enkele witte raven binnen het opleidingsinstituut die hun cursus willen ombouwen tot een e-cursus
- een perfecte omgeving bestaat niet
- leeromgevingen evolueren tergend traag t.o.v andere toepassingen
- in een leeromgeving zitten er soms zoveel toeters en bellen (die ik toch niet allemaal gebruik) dat het voor mij handiger zou zijn om enkel een forum een online agenda te hanteren.
Alain D’Haene, e-coach bij de Toll-Net cursus.
Reacties op dit bericht liefst via het Toll-Net forum.
Alleen even registreren en je maakt deel uit van de “community “.
Toll-net staat voor “Technologie Ondersteund Levenslang Leren”.
Initiatief van DIVA met de bedoeling de expertise die stilaan groeit rond e-learning samen te brengen.
Toll-net (of dus Diva) organiseert de Toll-shops en de Toll-cusrsus.
De Toll-cursus is intensief. De workshops veel minder. 1 dag (of zelfs have dag).
De Toll-net website werd onlangs gelanceerd en staat open voor al wie met e-learning bezig is of er meer zou willen over weten . Maar ook voor wie daar nog niet zo mee bezig is. En misschien nieuwsgierig is. Zich vragen stelt. Of misschien die vragen stelt op het forum.
En zo zijn de meesten onder ons, niet? We stellen ons vragen over e-learning maar”blijven ermee zitten”. Terwijl anderen ons op een spoor zouden kunnen brengen …
Ik heb het hier al eerder gehad over de mogelijkheden die Google biedt. De mailfunctie en de gigantische opslagruimte, de kalender die je kan delen, openbaar maken, de documenten die je kan delen.
Een functie die ik recent ontdekt heb, via de site van Tom Barrett zijn de Google forms. In “ICT in my Classroom” beschrijft hij 10 voorbeelden Google forms kunt gebruiken in je lessen.
Het enige wat je nodig hebt is een google account : zo gemaakt. En dan naar het tabblad “Documenten gaan”, “Forms” kiezen, en invullen maar.
Natuurlijk, veel minder dan wat wij met de Taaloefeningen doen, maar toch : prachtig om op zo’n eenvoudige manier een multiple choice oefening, drop-down of invullen te maken.
Bij wijze van voorbeeld heb ik hier een teasertje gemaakt.
Ben benieuwd of iemand mee wil spelen met het experiment en het formulier ook invult
De toll-cursus die doorgaat in het najaar loopt ontzettend snel vol. Eén dag nadat de nieuwsbrief werd verstuurd is al bijna de helft van het aantal beschikbare plaatsen ingenomen.
Dus : er snel bijzijn is de boodschap!
Vandaag Toll-net workshop gevolgd : in de voormiddag uitvoerig kunnen van gedachten wisselen over wat e-learning nu eigenlijk is en interessante inzichten opgedaan over de verschillende leerstijlen.
In de namiddag boeiende oefening : eerst op papier een denkbeeldig leerpad opgemaakt, daarna concreet aan de slag met eXe-leren , een open source programma dat je op een zeer visuele manier helpt je leerpad uit te tekenen.
Het mooie aan het pakket is dat je het op allerlei manieren kan exporteren, naar je eigen leeromgeving, naar een gewone website, enz.
Dit was e-didactiek op zijn best : met de nadruk op didactiek dus, op leerstijlen, op cursus ontwerp.
En dat is precies wat ik meestal mis : er wordt aan combileren gedaan, ELO’s en pakketten worden aangekocht of aangemaakt, maar men staat zelden stil bij het hele proces.
Hetzelfde Toll-net team heeft ook zijn schouders gezet onder het het vroegere Eliseleren project : de cursus wordt geactualiseerd en meer toegespitst op onderwijs voor volwassenen.
Alleen zal je er razendsnel bij moeten zijn : er zijn maar 45 plaatsten en als je ziet hoe snel de Toll-net workshops volzet waren …
Dit is wat ik lees op de blog van Karel Titeca, de man die Worldpress in een K.U.Leuven kleedje heeft gestoken.
“Afgelopen week is aan de K.U.Leuven officieel de blog- en wikiservice gelanceerd. Elke student en elk personeelslid van de Leuvense universiteit kan op onze centrale server een blog aanmaken, en studenten en docenten kunnen in het kader van groepswerken e.d. gebruik maken van wiki’s op diezelfde centrale server.”
Want dat is natuurlijk precies de bedoeling van deze nieuwe technologieën : ze inzetten voor onze lessen en voor het uitwisselen van kennis.
Zelf blog ik nog niet voor mijn cursisten, ik vrees trouwens dat onze Alma Mater geen meervoudige blog zal toestaan, maar niets weerhoudt je natuurlijk om bij Worldpress (of eventueel Blogger) een blog of zelfs meerdere blogs aan te maken.
In gecombineerd onderwijs lijkt het mij zeker een pluspunt , althans voor hogere richtgraden: je weet dat je cursisten veel tijd on line besteden, én dat ze vertrouwd zijn met technologie.
Maar ook voor een eerste jaar kan een blog nét dat zijn wat de cursist wakker houdt of nieuwsgierig maakt, zoals de blog van Hilde Weyen bewijst.
Vanochtend interessante ervaring. Vorige week een PowerPoint gegeven over woordenschat. Les expressions avec les chiffres . Een korte introductie.
Bleek dat de cursisten bij de herhaling de uitdrukking op het puntje van hun tong hadden, en telkens weer zegden : ik zie de afbeelding nog voor mij, maar kan op de uitdrukking niet meer komen.
Maar met het spelletje, eenvoudig geëxporteerd uit Power point, (alleen wat knipwerk) konden ze dat wel. Power point is dus krachtig. Ook voor woordenschatonderwijs.
Maar maak die Powerpoints beeldrijk. Dat is wat er blijft hangen.
Recente reacties